Skip to main content

Posts

Alles

  Ik droomde ik ging terug naar de academie waar ik leerde wat ik kon geestverwanten won mijn volwassenheid begon verse start in veilig vroeger iedereen die er nog was dus ging het door zoals het was maar mijn plek gewoon nog vrij en alles dat opnieuw begon en hoe de droom bij het ontwaken als kleine druppel in de zon nog een ogenblik bestond ©Carl Stellweg

Waarom volwassenen over adolescenten moeten lezen en blonde varanen begrip verdienen

Een tijdje geleden alweer verscheen mijn tweede verhalenbundel in minder dan een jaar tijd: De blonde varaan, en andere bitterzoete verhalen. Wat voor boek het is geworden? Tja. Ik beschouw het als het onschuldigere, maar ook problematischere zusje van zijn voorganger 'Het verbond tegen meedogenloos mooie jongens, en andere zwartgallige verhalen'. Laatstgenoemde bundel verscheen begin december, wanneer veel mensen zwartgallig zijn zonder daarvoor te durven uitkomen. In de meeste verhalen is sprake van een confrontatie tussen een eenling en de boze buitenwereld. Iedereen voelt zich wel eens een eenling en iedereen ervaart de buitenwereld wel eens als boos. En velen zijn wel nieuwsgierig naar de combinatie 'mooi' en 'meedogenloos'. Dat zat allemaal dus wel goed. Het boek is (nog) geen bestseller, maar ik ben zeker niet ontevreden over de respons.  De Blonde Varaan heeft het zwaarder gekregen. Precies zoals ik verwachtte. In de eerste plaats: wat is een blond...

Achtbaan naar Arcadië

  Het jaar lag alweer achter ons. Het laatste jaar voor het rampjaar, misschien wel het rampdecennium. 2019 dus. Het laatste gelukkige jaar.   Bezonnen had men zich. Teruggekeken, de balans opgemaakt. Zo is men nu eenmaal, en omdat ik ‘men’ wel vaak, maar niet altijd tegen de haren in wil strijken, heb ik eraan meegedaan. Kleine moeite: ook in 2019 was ik voor de volle honderd procent gelukkig. Ja, ik weet het, het leven is lijden, de mensheid gemankeerd, de wereld een open wond, shit man, ik ben de laatste die het zal tegenspreken  – maar aan mijn persoonlijke geluk doet dat niets af. En daar heb ik drie keiharde redenen voor. EEN: geen dag in mijn leven heb ik armoe of gebrek geleden. TWEE: geen dag in mijn leven ben ik ernstig ziek geweest. DRIE: geen dag in mijn leven heb ik niet geweten dat er iemand was die om mij gaf. Let wel, mijn geluk is niet volmaakt, want dan zou het weinig meer betekenen, maar aan de basisvoorwaarden is geheel en al voldaan,...

Vergeef ons het Tilburgse stadje T.

In die onvergetelijk gemoedelijke jaren tachtig studeerde ik enige tijd in het Tilburgse stadje T. Ik hoor u nu al: Het ‘Tilburgse stadje T.’? Wat is dat voor flauwigheid? Zo noemen ik en een voormalige studiegenoot het nu eenmaal, en het is allang geen grap meer. We hebben het niet eens zelf verzonnen, toch zeggen we het al een jaar of vijftien zonder dat we echt weten waarom, en dus komen we er waarschijnlijk nooit meer vanaf.   Vergeef ons dus alstublieft ons ‘Tilburgse stadje T.’, het is een raadsel, het is sterker dan onszelf. Lees verder.  In het Tilburgse stadje T., zo was ik aan het vertellen, studeerde ik aan de Academie voor de Journalistiek. Die was destijds nog gevestigd op een tochtig bedrijventerrein aan de Groenstraat. Nu ik dit zo sec heb opgeschreven voel ik een huilerige weemoed onstuitbaar in mij opborrelen. Wat een aanblik bood destijds het Tilburgse stadje T.! Op tal van plekken waren er uitgebrande karkassen van textielfabrieken te bezichtigen, als...

Vijverdroom

  Eerst hield ik van haar veel Daarop haatte ik haar erg en rende in de nacht naar een vijver en sprong en toen verscheen zij aan de rand en riep: ‘Zal ik je dan maar laten verdrinken?’ En ik riep: ‘Ja!’ En zij riep: ‘Echt?’ En ik riep: ‘Ja!’ ‘Ik haat je zo erg!’ riep ze en lachte ‘Ik haat je zo erg!’ riep ik  en  lachte en toen sprong ze en daarop werd zij de hele vijver niets weet ik van haar ook haar gezicht niet alleen haar onverschrokken meisjessilhouet aan de rand van de vijver handen in haar zij haar woeste jurkje haar stem haar heldere stem  in de onontcijferbare   nacht haar armen onder water haar koortsige vijverarmen niets weet ik van haar ook haar gezicht niet maar ik hield van haar haatte haar en hield van haar opnieuw en veel en zelfs nog na het ontwaken en dat weet ze. Maar vertelt ze me niet.   ©Carl Stellweg